Conform het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) zijn de volgende 6 kengetallen opgenomen:
- Netto-schuldquote
- Netto-schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
- Solvabiliteitsratio
- Kengetal grondexploitatie
- Structurele exploitatieruimte
- Opcenten (zie hiervoor de paragraaf 'Provinciale heffingen')
Rekening 2025 | Begroting 2026* | Begroting 2027 | Raming 2028 | Raming 2029 | Raming 2030 | |
1. Netto schuldquote | 68% | 82% | 112% | 133% | 141% | 150% |
2. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen | 47% | 63% | 99% | 121% | 133% | 142% |
3. Solvabiliteitsratio | 58% | 55% | 47% | 41% | 39% | 37% |
4. Grondexploitatie | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% |
5. Structurele exploitatieruimte | 14% | 2% | 8% | 9% | 8% | 10% |
6. Belastingcapaciteit | 88,6% | 92,5% | 91,4% | 91,4% | 91,4% | 91,4% |
*2026 t/m tweede begrotingswijziging 2026 |
Signaleringswaarden
Voor een beoordeling van de kengetallen is het belangrijk om deze in relatie tot elkaar te bekijken en tegen een norm te houden. Bij de Kaderbrief 2026 zijn vrijwillige kengetallen en signaalwaarden door Provinciale Staten vastgesteld.
Waarderingscijfer | Minst risicovol | Alert | Meest risicovol | JR 2024 | JR 2025 | BGR 2026* | BGR 2027 | Raming 2028 | Raming 2029 | Raming 2030 | ||
1a | NSQ | < 150% | 150 - 200% | > 200% | 62% | 68% | 82% | 112% | 133% | 141% | 150% | |
1b | NSQ (gecorr. verstrekte leningen) | < 150% | 150 - 200% | > 200% | 48% | 47% | 63% | 99% | 121% | 133% | 142% | |
2 | Solvabiliteit | > 50% | 20 - 50% | < 20% | 61% | 58% | 55% | 47% | 41% | 39% | 37% | |
3 | Grondexploitatie | < 20% | 20 - 35% | > 35% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | |
4 | Structurele begrotingsruimte | > 0% | 0% | < 0% | 6% | 14% | 2% | 8% | 9% | 8% | 10% | |
5 | Belastingcapaciteit | < 95% | 95 - 105% | > 105% | 89% | 89% | 93% | 91% | 91% | 91% | 91% | |
6 | Weerstandsratio 1 jaar | > 2,0 | 1,0 - 2,0 | < 1 | 3,8 | 2,3 | 2,7 | 3,6 | 3,6 | 3,6 | 3,6 | |
7 | 25% norm algemene reserve | > 25% | 25% | < 25% | 27% | 27% | 37% | 39% | 40% | 43% | 47% | |
8 | Kapitaalslastenratio | < 10% | 10 - 15% | > 15% | 4% | 4% | 6% | 7% | 8% | 10% | 11% | |
9 | Rente risiconorm | < 20% | 20% | > 20% | 0% | 8% | 9% | 5% | 0% | 5% | 0% | |
10 | Kasgeldlimiet | < 7% | 7% | > 7% | < 7% | < 7% | < 7% | < 7% | < 7% | < 7% | < 7% | |
*2026 t/m tweede begrotingswijziging 2026 | ||||||||||||
Voor de begroting 2027 zien we met uitzondering van de solvabiliteit dat alle cijfers positief zijn. Over de hele linie bezien stijgen de netto- schuldquote en de kapitaalslastenratio en daalt de solvabiliteit. Dit is te verklaren door de gewenste investeringen die de provincie de komende jaren voornemens is te doen met behulp van externe middelen. Doordat niet alle gewenste investeringen tot realisatie komen, blijkt bij de jaarrekening dat deze trend zich minder snel doorzet.
De norm voor de hoogte van de algemene reserve, zoals die is vastgelegd in de Financiële verordening, is 25% van de structurele algemene dekkingsmiddelen, zoals die zijn verantwoord in de laatst vastgestelde jaarrekening. De berekening van de norm in 2027 is dus gebaseerd op de gegevens uit de jaarrekening 2025. Het kengetal neemt in 2026 significant toe als gevolg van het hoge gerealiseerd resultaat bij de jaarrekening 2025 welke is toegevoegd aan de algemene reserve. Hiermee wordt een negatievere trend voor de NSQ en solvabiliteit voorkomen doordat de provincie minder hoeft te lenen.
Concluderend kan worden gesteld dat er voor de begroting 2027 sprake is van een gezonde financiële positie op basis van de door Provinciale Staten vastgestelde signaleringswaarden. Bij bovenstaande cijfers past de kanttekening dat als uitgangspunt geldt een volledige realisatie van de provinciale ambities.
